In 2010 durfde ik voor het eerst over straat. Laarsjes, legging, en topje. Mijn lange haar wapperde voor het eerst in het zomerbriesje. Ik vergeet het nooit meer. Het was een wandeling van 15 minuten. Die 15 minuten waren de meest vreselijk enge minuten, maar ook de meest mooie minuten van mijn leven. Iedereen gaapte me aan, en iedereen dacht wel iets van me. Toen kon ik er verdrietig om worden. Nu niet meer. Nu leef ik voor mijzelf.
"Your haters are your biggest fans, they spent all their time analyzing you".
De laatste week voel ik me weer erg goed, en het gevoel uit het begin, begint nu permanent te raken. Ik mag eindelijk zijn en voelen wat ik 30 jaar heb gemist. Ik liep zojuist weer over straat, mijn haartjes wapperde vrolijk in de wind. Vrouwen, meisjes en moeders liepen chagrijnig en met een lang gezicht langs me heen. Ik wandel met een glimlach, wetende dat ze niet weten wat ze hebben en ook niet missen, als je als vrouw geboren bent is het normaal voor je. Niets speciaals aan. Het eenvoudig gelukkige gevoel als je je haar voelt wapperen in een warm briesje, het kan mij heel gelukkig maken. Het is net zoals rijkdom: heb je altijd rijkdom gekend, dan kun je nooit echt genieten. Juist als je nooit rijkdom hebt gekend, en je wint of verdient een klein bedrag, dan pas kun je blij zijn. Denk maar terug aan je jeugd, waarin je spaarde voor iets. Het ging om het sparen en de droom om iets te hebben wat je graag wilde hebben. Toen je het eenmaal had, was je blij. Contrast. Je weet dat pas als je het niet meer hebt, of nooit hebt gehad.
Het lijkt een klein begrip, maar het is erg belangrijk om dit voor mijzelf te beseffen.
Liefs,
Sas.